Het appartement in de flat huurde ik volgens de Leegstandswet dus ik wist dat er een dag zou komen dat er een brief op de deurmat zou liggen met het bericht dat ik moest gaan verhuizen. Met deze regeling krijg je 3 maanden de tijd om een nieuwe woning te zoeken. In zo’n korte tijd was het erg moeilijk een woning te vinden waar ik ook weer, net zoals in de flat, thuis les zou kunnen geven. Ik ging dus meteen op zoek naar een nieuwe praktijklocatie. Nieuws verspreidt zich snel in een dorp en met wat tips kwam ik uiteindelijk terecht bij het Ursulinenconvent in Eijsden. Nu dit prachtige gebouw niet langer in gebruik was als gemeentehuis zouden er vroegere kantoorruimtes beschikbaar zijn voor verhuur. Mijn vader vertelde me dat er vroeger door de nonnen ook pianoles gegeven werd. Hij zelf had er als kind ook elke dag tijdens de middagpauze pianoles gehad. Wat zou het leuk zijn als er na al die jaren weer wat muziek door dit gebouw zou klinken. Ik nam contact op en na een fijn gesprek was het al snel geregeld; per 1 februari 2016 zou de Muziekpraktijk in het Ursulinenconvent gevestigd zijn. 

Net zoals ik mijn Corsa aankleedde met dekentjes en plantjes, deed ik dit met de ruimte in het Ursulinenconvent ook. Ik gaf dan wel niet meer thuis les, maar ik wilde wel dat het er voélde als thuis. Ik kocht via marktplaats een magnetron, koffieapparaat en waterkoker. Ook smeerde ik wat kleurtjes op de muren en kwamen er flink wat planten, tapijten, dekentjes, kaarsjes, posters, spulletjes uit Afrika, etc. Geen moment heb ik de flat als werkplek gemist, dit was een echte ‘upgrade’ voor de Muziekpraktijk. Ook kwam ik weer wat meer tussen de mensen. Eigenaren Leo, Sahar, Fabian en Sara stonden voor me klaar. Elke dag had ik een gezellige babbel met de vrijwilligers, ging ik soep eten in het museumcafé bij Robin, Danny en Esmaralda (waar ik zelfs mijn 30e verjaardag memorabel heb gevierd) én ik had er een geweldige buurman, Martin. Dank je wel Martin, ik heb me altijd vertrouwd gevoeld met jou en je mooie Glas-in-lood-atelier naast de Muziekpraktijk. Ook je opvolgster Helen was een fijne buurvrouw; met alle kinderen die bij ons in -en uitliepen hadden we een gezellig stukje Ursulinenconvent gecreëerd. 

In dat jaar volgde er op ‘Little Lights-gebied’ ook een behoorlijk belangrijk moment. Ruud, mijn vriend, gaf me een dagje studio cadeau om eens te ervaren hoe het er aan toe gaat in een opnamestudio en om er voor mezelf mooie opnames van mijn eigen nummers aan over te houden. Met m’n piano, gitaar en ukelele ging ik op een koude novemberdag naar Heerlen toe. Met Marc Huynen klikte het meteen, hij begreep me en was enorm hulpvaardig. Aan het einde van de middag vroeg Marc me wat ik van plan was ermee te gaan doen. Dat ik het puur voor mezelf wilde houden vond hij heel jammer en zonde, waarom zou ik dit niet willen delen? Hetzelfde gevoel als bij de voorstellingen in het Pesthuys theater bekroop me. Wie wil er nou een cd met mijn liedjes? Familie en vrienden zeggen altijd wel dat ze je liedjes mooi vinden, maar vinden mensen die mij niet kennen dat ook? Mensen die puur naar de liedjes luisteren omdat ze ze mooi vinden, niet omdat ze mij leuk en aardig vinden. Marc kende mij niet, zit al jaren in het vak en zijn opmerking kwam onverwacht maar had ik wel nodig om die knoop door te kunnen hakken. Dus ik ben nog één dag terug de studio ‘ingedoken’ om Both Sides Now in te spelen en wat tweede stemmetjes in te zingen. Marc heeft het prachtig gemasterd, een betere producer kon ik me op dat moment niet wensen. Via hem kwam ik terecht bij Lex Nelissen die met zijn platenlabel ervoor zorgde dat mijn album op de markt kwam. Bizar hoor, die periode. In heel korte tijd had ik een cd in mijn handen met mijn eigen nummers erop en er zijn nog steeds mensen die er graag naar luisteren. Oók mensen die mij niet kennen. Heel onwerkelijk en bijzonder. 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here